Redactiesommen en de cito: wat doe je met de uitslag?

Gepubliceerd op 11 mei 2026 om 20:43

Wat zegt een lage cito-score op redactiesommen?

Een lage score op redactiesommen bij de cito. Je ziet het, je noteert het, en dan? De eerste gedachte is vaak: meer oefenen. Begrijpelijk, maar het schiet tekort. Want een score vertelt je dát er iets is. Niet wát. Daar begint het eigenlijke werk.

Redactiesommen en de cito: wat doe je met de uitslag?

De score is een signaal, geen diagnose

Bij rekenen in het algemeen is een lage score vrij snel te herleiden. Tafels niet geautomatiseerd? Dat zie je. Breuken niet begrepen? Dat zie je ook. Maar bij redactiesommen is het ingewikkelder, omdat er meer dingen tegelijk een rol kunnen spelen.

Een kind kan vastlopen op het lezen van de tekst. Op een onbekend woord dat het blokkeert, ook als dat woord niets uitmaakt voor de som. Op de rekenstap zelf. Of het kind begrijpt de situatie niet. Het weet niet wat er in de werkelijkheid gebeurt, en daarom weet het ook niet welke bewerking hoort.

Dat laatste, het niet herkennen van de situatie, is een heel ander probleem dan een rekenfout. En het vraagt om een heel andere aanpak.

Twee vragen die je moet stellen

Na de cito zijn er twee vragen die het verschil maken.

Vraag één: welke situatietypes begrijpt dit kind niet?

Redactiesommen zijn niet willekeurig. Ze beschrijven altijd een situatie uit de werkelijkheid, en die situaties zijn te ordenen. Er zijn elf situatietypes, van "er komt iets bij" tot "alleen de maat verandert". Elk type vraagt om een andere manier van redeneren.

Als je de foute opgaven van de cito langs die elf types legt, zie je al snel een patroon. Loopt het kind vast op verdeelsituaties? Op verhoudingen? Op alles wat met meten en omrekenen te maken heeft? Dat patroon is je startpunt.

Om dat makkelijker te maken, heb ik een gratis analyseblad gemaakt. Je noteert de foute opgaven, kruist per opgave het situatietype aan, en telt op. In een paar minuten zie je waar de meeste fouten zitten.

Situatietype Analyseblad Pdf
PDF – 17,9 KB

Je werkt de foute opgaven door en bepaalt per opgave welk situatietype het is. De cito-opgaven zelf heb je daarvoor nodig, maar je hoeft geen toegang te hebben tot de normering of de toetsanalyse van de uitgever. Je eigen nakijkwerk en de antwoorden van het kind zijn het vertrekpunt.

Vraag twee: hoe werkt dit kind?

Een situatietype herkennen is één ding. Maar hoe een kind aan tafel zit, of het doorleest als iets onduidelijk is, of het controleert, of het om hulp vraagt, dat vertelt vaak meer dan het antwoord alleen.

Een kind dat de situatie wel begrijpt maar nooit opschrijft, mist andere dingen dan een kind dat blokkeert bij onbekende woorden. Die twee kinderen hebben allebei een lage score, maar ze vragen om een andere aanpak.

Voor die tweede vraag is de Wegwijzer Redactiesommen een goed instrument. Die laat je kijken naar hoe een kind werkt, en brengt dat terug naar een profiel met een concrete eerste stap.

Wat doe je dan wél in de weken na de cito?

Niet: een stapel extra redactiesommen maken.

Wel: weten waar je begint. En dat begint bij kijken. Welke situatietypes gingen fout? Is er een patroon? Hoe werkte het kind tijdens de toets?

Pas als je dat weet, heeft oefenen zin. Dan kies je gericht materiaal, sluit je aan bij wat het kind al begrijpt, en bouw je van daaruit verder. Zo worden de weken na de cito geen herhaling van wat er al niet werkte, maar een gerichte volgende stap.

Het gratis Situatietype Analyseblad is hierboven te downloaden. Meer over de elf situatietypes vind je op situatiekompas.nl. Wil je zien hoe het Situatiekompas werkt in de praktijk? Bekijk het aanbod op mvk-enroute.nl of volg het webinar.

Reactie plaatsen

Reacties

Er zijn geen reacties geplaatst.